Gellerts fabelen en vertelsels

Titel: Gellerts fabelen in III delen

Auteur: C.F. Gellert

Jaar uitgave: 1775

Uitgever: J. van Schoonhoven & Comp (Utrecht)

Nu worden rechtenkwesties op het internet uitgevochten (Ted van Lieshout vs. Gerrit Komrij inzake de ‘Kinderkomrij’). Rechtenkwesties werden in 1775 in het boek zelf uitgevochten.
In het voorwoord schrijft J. van Schoonhoven dat hij, omdat volgens hem de boekverkoper Piet Meyer illegaal ‘C.F. Gellerts leven’ en ‘nagelaten vertellingen’ heeft uitgegeven,

bij wyze van schaaverhaal, hem te keer te gaan, en de ‘Fabelen en Vertellingen’ van den beroemden Gellert mede te drukken en uit te geven, op ene wijze, die alle kundige liefhebbers, zo wy vertrouwen, behagen zullen; zynde, behalve de fraaije uitvoering van onzen druk, dezelve veel minder in prys gesteld, dan die by hem werd uitgegeven

Maar…. het gaat natuurlijk om de fabelen. Hieronder de fabel ‘De jonge prins’

Een prins, nog in den bloei van zyne lentedagen,
Wierd, door het gunftig welbehaagen
Zyns Ooms, tweehonderd ftuks piftoolen toegeteld,
Met dit beding, dat hy voor ’t goed gebruik van ’t geld
Vooral behoorlyk zorg zou draagen.
Toen hy daarna weêr voor zyn’ Oom verfcheen,
Vroeg dees hem, onder andre reên,
Of hy ’t ontfangen geld ten nutt’ had uitgegeeven.
Hier, fprak de jonge Prins, verblyd,
Hier is myn beurs, ’t is all’ nog by elkaêr gebleven.
Ik ben niet één pistool nog kwyt.
Zyn Oom nam ’t geld, geheel te onvreden,
En fprak, het werpende op de ftraat:
Leer, leer, ô Prins! uw geld op beter wyz’ befteeden,
Wat baat het dat gy ’t liggen laat?
Een Prins heeft daarom veel, om weêr, ten dienste van veelen
Zyn fchatten nuttig uit te deelen.

Dit boekje heeft een handgeschreven naam en jaartal op de titelpagina:
Willem de Vreete 22 Nov 1892

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *